Fakkeltocht op 10 December !

 

10 december is de dag van de mensenrechten en bij deze rechten willen wij stilstaan. Op 10 december organiseert Amnesty Garyp daarom een fakkeltocht, zo ook dit jaar!
Door de weersverwachting zijn er minder mensen naar het Unicumplein gekomen om 

 

deel te nemen aan de fakkeltocht. De mensen die er waren hebben een fakkel aangestoken en een handtekening gezet op de petitielijst. Het onderwerp van de petitielijst was dat EU-leiders zorgen voor een veiligere en legale routes naar Europa voor mensen die op de vlucht zijn voor conflichten en vervolging.

 

Afgelopen jaar stijgt het aantal mensen dat verdrinkt op de Middellandse zee. Hieronder kunt u de blog van de Syrische arts Hasan Wahid lezen. Hij verloor zijn vier jonge dochters bij een scheepsramp in de Middellandse Zee. Het verhaal van zijn gezin illustreert de onmogelijke keuzes – en vreselijke gevaren – waaraan vluchtelingen en migranten die Europa proberen te bereiken blootstaan.

 

Het enige wat we willen is onze dochters vinden, dood of levend’

Op 11 oktober 2013 verloor de Syrische arts Hasan Wahid zijn vier jonge dochters bij een scheepsramp in de Middellandse Zee. Het verhaal van zijn gezin illustreert de onmogelijke keuzes – en vreselijke gevaren – waaraan vluchtelingen en migranten die Europa proberen te bereiken blootstaan.

Hasan Wahid en zijn vrouw Manal Hashash zagen de gevaarlijke zeereis naar Europa als hun enige kans. Er woedde oorlog in hun thuisland Syrië en in Libië, waar Hasan werkte als arts, werden ze met de dood bedreigd.

Dus in oktober 2013 betaalden ze 4.500 dollar aan een smokkelaar om hen met hun vier dochters – Randa (10), Sherihan (8), Nurhan (6) en Kristina (2) – naar zo hoopten zij, een veilig en vreedzaam leven te brengen. Hasan leeft nu in Zwitserland en vertelde ons zijn verhaal

“Ik ontving een directe bedreiging dat als ik Libië niet meteen verliet, ik er spijt van zou krijgen dat ik gebleven was. Ik werd ervan beschuldigd een Assad-aanhanger te zijn en werd in elkaar geslagen. Ik vond dat ik moest vertrekken.

Ik probeerde naar Egypte te gaan, maar Syriërs worden daar niet toegelaten. Ik vroeg een visum voor Tunesië aan, maar dat werd afgewezen. Ik vroeg een visum voor Malta aan, maar dat werd ook afgewezen. Op dat moment was de zee mijn enige optie.

De smokkelaars hadden ons verteld dat we met een passagiersschip zouden gaan. Toen we zagen dat het een vissersboot was, was het te laat om terug te gaan. Mijn gezin zat ver van me vandaan. Omdat ik een handicap heb aan mijn voet, moest ik achterin zitten met de ouderen en gehandicapten. Mijn vrouw en kinderen zaten voorin de boot. De meeste van de 450 tot 500 mensen aan boord waren Syriërs.

Na een paar uur verscheen er een speedboat met gewapende Libische mannen. Ze schoten in de lucht. Onze kapitein bleef doorvaren. We dachten dat het piraten waren, omdat de meesten van ons hun spaargeld bij zich hadden. Rond twee uur ’s nachts schoten ze op de boot. Drie mensen raakten gewond en de boot werd beschadigd. Daarna gingen ze weg.

Er kwam water in de boot en we gebruikten waterpompen. Deze werkten tot het middaguur, toen gingen ze kapot. De kapitein deed de motoren uit en hoge golven sloegen aan alle kanten tegen de boot. Zo zaten we, totdat de boot kapseizde en we allemaal te water raakten. We zagen een helikopter boven ons hangen. Een uur later arriveerden de Italiaanse en Maltese kustwachten.

Ik heb geen idee hoe ik het heb overleefd. We waren ver van het schip geraakt en de golven duwden ons nog verder weg. Het duurde bijna twee uur voordat ik uit het water werd gehaald. De kustwachten redden eerst de kinderen. Na zonsondergang werd ik door de Maltese autoriteiten gered. Ik wist niet of mijn vrouw en kinderen waren gered.

Een man die op de Maltese boot naast me zat – ik kende hem nog uit Libië – zei dat hij een van mijn dochters op een reddingsboot had gezien. Ze is acht jaar en heeft geen voortanden. Haar huidskleur is donkerder dan die van haar zussen.

Hij zei: ‘Ze riep me en vroeg of ik haar vader had gezien. Ik zei tegen haar dat ze zich geen zorgen moest maken en dat papa snel zou komen.’ Hij probeerde haar te kalmeren, ondanks dat hij nog in het water lag en zij op een boot was.

In Malta gaf ik alle informatie over mijn dochters en vrouw aan het Rode Kruis: namen, leeftijden. Mijn vrouw, die door de Italianen werd gered, zocht vertwijfeld naar onze dochters in Italië.

We houden vast aan de hoop dat we onze kinderen zullen vinden. Het enige wat we willen is onze dochters terugvinden, dood of levend.”

Hasans dochters verdwenen tijdens een van de twee scheepsrampen bij het Italiaanse eiland Lampedusa in oktober vorig jaar. Meer dan 500 mensen verdronken toen. Het leidde tot grote publieke verontwaardiging. Sindsdien heeft de Italiaanse marine meer dan 100.000 mensen in de Middellandse Zee gered. Maar het dodental blijft stijgen: tot nu toe zijn dit jaar al meer dan 2.500 mensen verdronken. Italië kan dit niet alleen aan.